Walace in Brasilia – 16-12-12

Oud-Tap Portugal-collega Walace, moest een dagje in Brasília zijn om een toelatingstoets te maken. Na afloop kwam hij me ophalen om een dagje toeristisch te doen. We gingen naar het cultureel centrum van de Banco Brasil (CCBB); veel banken hebben hier grote centra waar je gratis kunst kunt bekijken. Het CCBB is een groot complex met verschillende zalen en een grote tuin waar je kunt wandelen en waar open-lucht kunst tentoongesteld is.

In Brasília was op dat moment een tentoonstelling van de Britse kunstenaar Antony Gormley. Al weken had ik door de stad verspreid vreemde standbeelden van mannen zien staan en die bleken van deze tentoonstelling afkomstig te zijn. Helaas mocht niet alles gefotografeerd worden maar het was erg de moeite waard.

IMG_2094  IMG_2095

 

IMG_2097  IMG_2105

Na het bekijken van de tentoonstelling dronken we er nog een wijntje in het café en pakten we de gratis bus terug naar het centrum waar we nog even een blik in de Kathedraal wierpen die nét weer open was na een lange opknapbeurt.

IMG_2107

 

Ik vind dit echt een heel mooi gebouw, de vorm is sierlijk en heeft mooi glas-in-lood. Van buiten lijkt het heel donker maar binnen geeft het toch een zee van licht.

Groeiwonder af, toch gaat het de Brazilianen beter – Volkskrant

Een goede samenvatting van het huidige Brazilie, vandaag in de Volkskrant
MARJOLEIN VAN DE WATER − 26/01/13, 00:00

Lang was Brazilië het lichtend voorbeeld onder de opkomende economieën. Sinds enkele jaren zwakt de groei af. Tegenover dat slechte cijfer staan een hoop goede. ‘Groei is niet heiligmakend, het gaat om vooruitgang. Deze regering lost zijn sociale beloften in.’ Door

Tevreden bekijkt Amanda Lins (39) haar roze gelakte nagels. Ze zit op de bank in een van de talloze nagelstudio’s van Rio de Janeiro. Op iedere nagel prijkt een in zilveren glitters aangebrachte vlinder. ‘Ik kies iedere week een ander design’, zegt ze. ‘Het kost me veel geld maar ik heb het er graag voor over.’

Samen met haar man heeft de goedlachse Lins een inkomen van 800 euro per maand. Dat is geen vetpot in het peperdure Rio de Janeiro, maar ze wonen in een door de staat gesubsidieerde woning in het oosten van de stad. Zelf werkt ze informeel als schoonmaakster, haar man is bouwvakker en heeft sinds enkele jaren een officieel contract met recht op pensioen. ‘En als hij ziek is, krijgt hij doorbetaald’, zegt ze met een blik alsof ze het nog niet helemaal vertrouwt.

Lins en haar man behoren tot de 49 miljoen Brazilianen die sinds 2003 zijn toegetreden tot de lagere middenklasse. Deze groep omvat volgens de regering inmiddels 55 procent van de Braziliaanse bevolking en is een zeer geliefd onderzoeksonderwerp van marketingbureaus. Op televisie prijzen mannen met een bierbuik op teenslippers de producten aan, en zelfs de verhaallijnen van de immens populaire soapseries zijn aangepast aan de nieuwe doelgroep. De uitgaven van deze ‘nieuwe middenklasse’ vormen de motor van de nationale economie.

De Brazilianen zijn lange tijd als lichtend voorbeeld beschouwd onder de opkomende economieën. Een stabiele democratie met het afgelopen decennium een gestage groei van gemiddeld 4 procent per jaar. Bedrijven staan in de rij om te investeren in het grootste land van Latijns-Amerika, dat in 2014 gastland is van het WK voetbal en in 2016 van de Olympische Spelen.

Ook Nederlandse bedrijven hopen een graantje mee te pikken. De handelsmissie die in november het land bezocht, was de grootste uit de geschiedenis en zowel prins Willem-Alexander als Máxima reisden mee om spreekwoordelijke deuren te openen voor zakenlieden.

Maar het beste jongetje van de klas begint te struikelen, zo waarschuwen de cijfers. De groei, in 2010 met een recordhoogte van 7,5 procent, was het jaar daarop nog maar 2,7 en het afgelopen jaar niet meer dan een schamele 1 procent. Buitenlandse investeringen en de binnenlandse consumptie zijn gedaald, ondanks stimuleringsmaatregelen van president Dilma Rousseff. Analisten schreeuwen moord en brand en kijken al om naar Mexico, dat staat te trappelen om regionale grootmacht Brazilië van zijn troon te stoten.

De vraag is wat de stagnatie betekent voor de welvaart in Brazilië. ‘Dat cijfer is slecht voor het imago van ons land maar zegt verder weinig’, zegt Marcelo Cortes Neri, econoom en directeur van het Nationale Instituut voor Toegepaste Economie. ‘Als je naar de rest van de cijfers kijkt, zie je dat het met de Brazilianen steeds beter gaat.’

Want de salarissen vertonen sinds 2003 een sterk stijgende lijn, de werkloosheid is historisch laag (5,2 procent in november) en sinds 2000 is het aantal Brazilianen met een arbeidscontract verdubbeld. Dat contract geeft hen bovendien recht op een pensioen. ‘De inkomens van de laagste inkomensgroepen zijn in 2012 harder gestegen dan ooit, soms met wel 8 procent’, zegt Jessé Souza, hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Juiz de Fora. ‘De regering investeert in menselijk kapitaal. We zijn één van de weinige landen in de wereld waar de ongelijkheid afneemt.’

De economische opmars die Brazilië het afgelopen decennium doormaakte, is deels te danken aan de gunstige grondstofprijzen. Het land is rijk aan mineralen, heeft een bloeiende landbouwindustrie en geldt als een van de wereldleiders in de sojahandel. Met name in de tweede regeringstermijn van voormalig president Luiz Inácio Lula leidden hoge prijzen tot een snellere groei. Bovendien is de olie-industrie in Brazilië booming. De laatste tien jaar zijn grote nieuwe bronnen ontdekt en als die allemaal ontginbaar blijken, zijn de Braziliaanse reserves vergelijkbaar met die van Venezuela en Saoedi-Arabië. Dit vooruitzicht lokt talloze bedrijven en investeerders naar São Paulo en Rio de Janeiro.

Maar de werkelijke motor is de consumptie. Lula voerde vanaf zijn aantreden in 2003 een actief beleid om armoede te bestrijden en daarmee de binnenlandse consumptie te vergroten. Zijn opvolgster Dilma Rousseff is dezelfde koers blijven varen. Zo ontvangen de armste Brazilianen, een kwart van de huishoudens, een maandelijkse uitkering uit het programma Bolsa Familia als ze hun kinderen laten vaccineren en naar school sturen. Als de kinderen wegblijven, wordt de toelage ingehouden. Gezinnen in extreme armoede krijgen hier bovenop nog een extra uitkering, waar geen voorwaarden aan verbonden zijn. Het is een groot succes en vindt wereldwijd navolging.

Net als het grootschalige sociale woningbouwproject Minha Casa Minha Vida, mijn huis mijn leven. Huishoudens die tot drie keer het minimumloon van 250 euro verdienen, krijgen een huis waarvoor ze maandelijks 10 procent van hun inkomen betalen. Na tien jaar is het hun eigendom, ongeacht het bedrag dat ze terugbetaald hebben. Ook gezinnen die tot zes keer minimumloon verdienen mogen zich inschrijven, maar zij betalen een groter percentage van hun inkomen en moeten het huis volledig afbetalen. Er zijn al meer dan een miljoen huizen gebouwd en de regering streeft naar drie miljoen in 2014. De helft daarvan is voor de armste groep.

‘Mensen die eerder iedere dag moesten vechten om te overleven, hebben plotseling een eigen huis’, zegt socioloog Souza, die verschillende boeken publiceerde over de sociale gelaagdheid in de Braziliaanse samenleving. ‘Maar om meteen van een middenklasse te spreken, is weer wat overdreven. Veel van hen hebben dubbele banen en werken veertien uur per dag. Ze doen slecht betaald werk en hebben geen invloed in het politieke debat of in de media. Het is nog steeds een onderklasse, zij het met iets meer mogelijkheden te consumeren.’

Kopen op afbetaling Dat consumeren is ze extra makkelijk gemaakt doordat Lula de toegang tot kredietverlening drastisch versoepelde. Of het nu gaat om een broodrooster, een wasmachine of een barbiepop, in Brazilië is kopen op afbetaling de norm. Op prijskaartjes staat in grote cijfers het bedrag dat per maand moet worden afgelost en de werkelijke prijs staat ergens in een hoekje onderin.
Verleidelijk, want het geringe maandbedrag brengt de gigantische flatscreen, de koelkast met ingebouwde ijsblokjesmachine en de nieuwste smartphone nu ook voor de ‘nieuwe middenklasse’ binnen handbereik. Dat ze na 24 termijnen de helft meer hebben betaald voor hun product, nemen de consumenten op de koop toe.

Inmiddels besteden de Brazilianen bijna een kwart van hun inkomen aan het afbetalen van schulden, zo blijkt uit een recent rapport van het Internationaal Monetair Fonds. Daarmee zijn ze koploper in de regio en winnen ze het zelfs van de Verenigde Staten. Brazilië heeft wel een vernuftig controlesysteem dat ervoor zorgt dat wanbetalers geen nieuwe leningen aan kunnen gaan. Dit moet toestanden voorkomen zoals in de VS, waar particuliere schulden een grote rol speelden bij het ontstaan van de crisis.

Dat de groei is gestagneerd, komt deels doordat de Brazilianen minder zijn gaan kopen. Niet omdat ze minder geld hadden, maar omdat de grote golf van mensen die voor het eerst in hun leven een koelkast, auto of televisie kochten, achter de rug is. Daarnaast zijn de grondstoffenprijzen gedaald en het ziet er niet naar uit dat die in korte tijd weer de hoogte in gaan.

Ook buitenlandse investeerders zijn iets minder enthousiast dan voorheen. Dit is volgens analisten op de eerste plaats te wijten aan de overgewaardeerde real. De dure munt heeft een negatieve invloed op de industrie en de export. Het geeft Brazilië een slechte concurrentiepositie ten opzichte van buurlanden die hun valuta juist laag houden om een exportvoordeel te garanderen.

Brazilië is bovendien een duur land. Dat de reële minimumlonen in tien jaar tijd met de helft zijn toegenomen is goed nieuws voor de Braziliaanse arbeiders, maar jaagt de bedrijven op kosten. Ook andere kosten als energie en transport zijn jaar na jaar gestegen. De rente en de belastingen zijn hoog, het land heeft een slepende bureaucratie en corruptie tiert nog steeds welig.

Stimuleringspakket
Rousseff heeft zich het gemopper van het bedrijfsleven ter harte genomen en nam vorig jaar maatregelen die het tij moeten keren. Ze verminderde de belasting op consumentengoederen en liet de real in waarde dalen. De centrale bank bracht de rente terug tot 7,25 procent, ongekend laag in een land waar de rente altijd tot de hoogste ter wereld behoorde. Ook de energieprijzen zijn aangepakt. Sinds gisteren valt de energierekening van huishoudens 18 procent lager uit, en die van bedrijven 32 procent. Dit zal zijn weerslag hebben in de prijzen van consumentenproducten, zo hoopt de regering. Dit jaar volgt een daling van de gasprijzen.

In augustus presenteerde Rousseff een stimuleringspakket dat 53 miljard euro aan private investeringen in de infrastructuur moet opleveren en kondigde aan de Braziliaanse vliegvelden te privatiseren in de aanloop naar het WK in 2014 en de Olympische Spelen in 2016.

De maatregel is met gejuich ontvangen door het bedrijfsleven, voor wie de deplorabele staat van de Braziliaanse infrastructuur een doorn in het oog is. De overheid houdt de touwtjes hierbij overigens wel strak in handen. ‘Het is absoluut geen privatisering van publiek bezit’, benadrukte Rousseff bij het aankondigen van de concessies.

De president is razend populair en kan rekenen op de steun van ruim 60 procent van de bevolking. De ex-guerrillera maakt vooralsnog een goede kans herkozen te worden in de verkiezingen van 2014.

‘Haar populariteit bewijst dat de doorsnee-Braziliaan geen hinder ondervindt van de verminderde groei’, zegt econoom Neri. ‘We gaan veel minder hard dan andere opkomende economieën. Maar groei is niet heiligmakend, het gaat om vooruitgang. Er zijn nog steeds meer dan 16 miljoen Brazilianen die in extreme armoede leven, ruim 8 procent van de bevolking. Deze regering lost zijn sociale beloften in en daar profiteren op de eerste plaats de Brazilianen van, niet de buitenlandse bedrijven.’

Minister van Financiën Guido Mantega ziet de toekomst rooskleurig in. ‘In 2013 zullen we zaaien wat we geoogst hebben’, zei hij begin deze maand op een persconferentie. ‘Het zal rustiger zijn, want de benodigde maatregelen zijn al genomen.’ Mantega’s optimisme moet wel met een korrel zout worden genomen; ook voor 2011 en 2012 beloofde hij ten onrechte een groei van boven de 4 procent.

Zelf ziet hij echter geen reden zijn verwachtingen te temperen: ‘Ik zal positief blijven want ik ken de kracht van onze economie’, zei hij. ‘En niemand zit te wachten op een depressieve minister van Financiën die rondvertelt dat de dingen niet functioneren.’ De minister krijgt in ieder geval bijval van de Wereldbank, die voor dit jaar een groei van 3,4 procent voorspelde. Ook op het Economisch Forum in Davos klonken afgelopen week positieve geluiden over Brazilië.

Amanda Lins wil geen voorspelling doen over de economische ontwikkelingen in haar land, want ‘daar heeft ze helemaal geen verstand van’. Bewonderend bekijkt ze haar vers gelakte nagels nog eens. ‘Wat mij betreft gaat alles goed’, zegt ze met een brede lach. ‘Mijn man gaat meer verdienen en in mei krijgen we ons derde kind.’

Curitiba, 9-11 november 2012

Zoals ik al schreef in mijn vorige blog kennen Kim en ik elkaar via onze gezamenlijke Braziliaanse vriendin Rafaela. Een paar jaar geleden woonde zij in Oegstgeest waar ze werkte als au-pair. Na een masteropleiding gevolgd te hebben in Portugal, en na een lange zoektocht naar papieren van voorouders een Italiaans paspoort verkregen te hebben (aardigheidje van Italië voor nazaten van emigranten) is zij inmiddels alweer meer dan een jaar –met tegenzin- terug in Brazilië. Het leek Kim en mij erg leuk om haar samen op te gaan zoeken en dus vlogen wij vrijdagavond 9 november naar Curitiba, de hoofdstad van de zuidelijke staat Paraná waar Rafaela woont.

Vrijdagavond brachten we door in het appartement waar ze een kamer huurt samen met twee jongens; snackend en pratend onder het genot van Portugese Vinho Verde.

IMG_1967

Ik was al twee keer eerder in Curitiba geweest maar Kim kende de stad nog niet dus zaterdag stonden we op tijd op om de stad te verkennen. We bezochten het Museu Oscar Niemeyer een moderne kunst-museum genoemd naar de ontwerper, de grote architect, die enkele weken later op 105-jarige leeftijd zou overlijden.

DSCF1775

DSCF1776   IMG_1993

IMG_2008  DSCF1805

 

Vervolgens struinden we verder door de stad waar op verschillende plekken een gratis muziekfestival plaatsvond en waar we onder andere een hele verzameling gek uitgedoste tieners tegenkwamen.

DSCF1810  IMG_2026

We pikten zelf nog het concert van Zeca Baleiro mee, een favoriet van Rafaela maar die niet echt uit de verf kwam door slechte audio-kwaliteit en vervolgens eindigden we de dag in een Ukraiens café waar ze stevige snacks serveerden zoals een heerlijk broodje met een mega-gehaktbal, weggespoeld met wodka.

IMG_2034 IMG_2036 IMG_2037

 

Zondag, een bloedhete dag, bezochten we samen met nog een vriendin van Kim, Manu, een marktje en de botanische tuin. Na nog een biertje te hebben gedronken vlogen Kim en ik weer terug naar Brasilia.

IMG_2040 IMG_2046_1x

DSCF1825

Voor mij was dit het eerste uitstapje buiten Brasilia en het was heerlijk even weg te zijn en weer in een ‘normale’ stad te zijn; dus een stad die niet gebouwd is volgens een strak plan maar met een wirwar van straten met daadwerkelijke straatnamen en geen gekke codes. Daarnaast ook fijn een oude vriendin weer terug te zien en herinneringen op te halen, dit alles met een nieuwe vriendin!

4 Maanden!

Ik woon alweer iets meer als 4 maanden in Brazilië dus het wordt wel weer eens tijd voor een update. Omdat ik naar Brazilië ben gekomen voor een baan zal ik daar maar mee beginnen. Ik ben dus ‘Economisch Beleidsmedewerker’. Toen ik 1 oktober begon met werken draaide de ambassade op volle toeren om de grootste Nederlandse handelsmissie ooit voor te bereiden. Meer dan 150 bedrijven en een groot aantal onderwijsinstellingen bezochten van 18-23 november o.a. Brasilia, Ribeirão Preto, São Paulo en Rio de Janeiro onder begeleiding van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Ploumen en de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Sander Dekker en Prins Willem-Alexander en Prinses Maxima.

In het begin was er niet veel tijd om mij ook nog in te werken dus ik voelde me af en toe wel wat verloren. Maar gelukkig werd ik uiteindelijk ook betrokken bij de voorbereidingen. Ik mocht assisteren bij het bezoek van Staatssecretaris Sander Dekker en heb voor hem gesprekken opgezet bij het Ministerie van Sport en bij het Ministerie van Cultuur. Duizenden mailtjes gingen heen en weer om te zorgen dat gesprekspunten werden doorgegeven, dat namen en CV’s van beide partijen bekend waren en dat overal tolken aanwezig zouden zijn.

De handelsmissie was maar zeer kort in Brasilia, ongeveer anderhalve dag, en dan alleen het officiële gedeelte en de onderwijsmissie. De bedrijven bezochten de hoofdstad niet. De maandag begon voor mij op het Ministerie van Cultuur waar alles gesmeerd liep. Vervolgens moest ik door naar een soort Onderwijsorganisatie waar een politiek gesprek met Prins en Prinses plaats vond en een onderwijsseminar. Dit werd afgesloten door Prinses Maxima dus ik heb zowel Prins als Prinses uitgebreid kunnen bekijken. Vervolgens moest ik door voor het gesprek op het Ministerie van Sport, mijn taak was om eerder aanwezig te zijn en te checken of naambordjes goed stonden, tolk aanwezig was en de juiste apparatuur tot zijn beschikking had.

IMG_20121119_072321

IMG_20121119_101509

178292_437074936346815_2077559661_o

IMG_20121119_165534

 

Echter er was inmiddels een noodweer uitgebroken; het is immers regentijd. Mijn chauffeur kon een afslag niet nemen omdat het water op de weg te hoog was! Vervolgens moesten we omrijden en kwamen we compleet vast te staan. Overal ontzettend veel water. De volgende dag zag ik in de krant dat de brandweer zelfs per bootje mensen uit hun auto’s had gered. De Staatssecretaris en delegatie gingen met een busje, wat hoger op de weg lag en minder last had van de wateroverlast dus die waren wel op tijd. Ik kwam veel te laat aan maar gelukkig waren er geen problemen geweest.

IMG_20121119_180637

Na dit gesprek sloten we de met deze kleine delegatie de dag af in een restaurant.

De volgende dag was er nog een laatste gesprek en seminar en rond het middaguur zette ik de onderwijsdelegatie af op het vliegveld waar ze vertrokken richting Sao Paulo. Voor mij zat de missie er op!

Het was een mooie ervaring dit van dichtbij mee te maken, te zien hoeveel planning en organisatie hierbij komt kijken; tot aan het maken van een indeling/rooster voor liften en iemand aanwijzen om ‘verantwoordelijk’ te zijn voor het Nederlandse vlaggetje op de auto waar Prins en Prinses in vervoerd werden. Prompt waaide dat vlaggetje dus gelijk al bij de 1e rit van vliegveld naar hotel van de auto af en moest hier de volgende dag –met succes- nog naar gezocht worden.

Toen de missie eenmaal voorbij was werd het een stuk rustiger, uiteraard ook door de feestdagen. Langzamerhand krijg ik dus zich op wat mijn functie echt inhoudt.

Ik lees heel veel om van ontwikkelingen op de hoogte te blijven; veel kranten. Ik twitter voor het account ‘Ondernemen in Brazilië’ en ik tip de ambassadeur ook veel dingen die hij vervolgens twittert. Ik verzamel artikelen voor onze Nieuwsbrief die ik vervolgens samenstel en uitstuur. Ik beantwoord allerlei ‘handelsvragen’ van particulieren en ondernemers die wij binnenkrijgen en over van alles en nog wat gaan. Over de mogelijkheden voor het importeren van gerecycelde autobanden (wettelijk verboden), tot het uitzoeken van importheffingen op artikelen. Veel vragen zetten wij door naar ons ‘Economisch Netwerk’, consulaten in Rio de Janeiro en Sao Paulo of de Netherlands Business Support Offices in Recife en Porto-Alegre. Ook ben ik verantwoordelijk voor de notulen van de wekelijkse stafvergaderingen. Misschien mag ik dit jaar nog een paar tripjes maken om regio’s ‘in kaart te brengen’, bekijken of er daar misschien mogelijkheden zijn voor het Nederlands bedrijfsleven.

Ook ga ik af en toe naar vergaderingen van bijvoorbeeld de EU-delegatie. Dat is eigenlijk een taak van de (uitgezonden diplomaat) Handelssecretaris maar die is net naar zijn volgende post vertrokken en we wachten nog op de nieuwe. Ik vind dit altijd heel interessant om te zien wat de EU-landen samen hier voor elkaar krijgen of hoe we elkaar kunnen helpen. Zo heeft Nederland samen met Denemarken getracht het visumproces voor zeelieden makkelijker te maken en kunnen Frankrijk en Portugal elkaar ondersteunen als Brazilië dreigt handelsbeperkingen op te leggen voor het invoeren van wijn. Komende week mag ik weer naar een interessante vergaderdag van de EU op het Braziliaanse ministerie van buitenlandse zaken over de laatste ontwikkelingen op het gebied van Energie.

Het is in ieder geval allemaal mega-interessant maar nog steeds heb ik het idee dat ik nog veel moet en kan leren!

Verder is het een aparte werkomgeving zo’n ambassade; de uitgezonden (diplomaten) medewerkers aan de ene kant en de lokale medewerkers aan de andere kant; met hele andere arbeidsvoorwaarden en achtergronden. Onder de lokale medewerkers heb je ook veel verschillen, collega P. en ik die voor onze banen bijna alles in Nederland hebben opgegeven en hierheen zijn gekomen (zij nog wel met meenemen van haar dochter), de Braziliaanse secretaresse die voor dit werk Nederlands heeft geleerd, tweetalige kinderen van lang geleden geïmmigreerde Nederlanders, 2 zussen die in hun jeugd lang in Nederland hebben gewoond, tot de paar die tientallen jaren geleden door de liefde in Brazilië zijn gebleven.

Maar over het algemeen kan ik het met iedereen wel vinden. Wel was het erg jammer dat eind November/begin december de twee stagairs Kim en Kevin en tijdelijke medewerker PC weer het land verlieten. Niet alleen heb ik veel steun aan ze gehad maar ook veel lol.

Kim kende ik al vaag uit Leiden omdat we allebei bevriend waren met Braziliaanse au-pair Rafaela. Het was dus erg toevallig dat we elkaar weer tegenkwamen op de Ambassade. Maar ook fijn om al een bekend gezicht te hebben op de ambassade.

Nu zij alle drie weg zijn, inclusief dus de huurauto van PC is het wel wat lastig om uit lunchen te gaan tijdens werk; het ambassadegebied ligt wat afgelegen en te voet kun je alleen naar het Ministerie van Sport, als het tenminste niet keihard regent.

Voor Brazilianen is de warme lunch de belangrijkste maaltijd van de dag en daar heb ik me ook aan aangepast. Op de ministeries kun je veel heel weinig geld eten en ik eet dan ook regelmatig op het Ministerie van Sport waar ze een prima buffet hebben. Ook probeer ik regelmatig andere collega’s mee uit lunchen te krijgen naar andere restaurants. Af en toe neem ik zelf iets mee en lunch ik dus op de ambassade zelf.

Als ik ’s avonds thuis ben ga ik meestal naar de sportschool, minstens 4x per week. Ik kan het goed vinden met de uitgezonden defensie-assistent T. en hij is net als ik een hardloper. We hebben samen al een 10km loop gedaan en doen eind februari de halve marathon van Brasilia, samen met zijn vrouw. Dus daar moet voor getraind worden!

De sportschool kost me zo’n 220 EUR/maand maar ik ben er erg blij mee. Je hebt zo veel verschillende lessen en het kwaliteitsniveau is zoveel hoger dan in Nederland.

Vandaag heb ik alweer mijn tweede 10km loop gedaan. Dit soort evenementen wordt hier om de haverklap georganiseerd dus dat werkt voor mij erg stimulerend.

Qua vriendschappen zou ik nog wel een wat groter sociaal netwerk willen hebben maar ik ben niet ontevreden. Ik heb wat Braziliaanse vrienden en wat internationale. Op facebook is er een erg actieve ‘trainees in Brasilia’-groep en daar ken ik een aantal stagiaires. Wel zijn dat dan over het algemeen jongere studenten dus soms voel ik me dan wel een beetje oud.

Zij gaan vaak door de week nog uit maar daar heb ik niet zo’n behoefte aan, ik sport liever en omdat mijn wekker al om 5.40 gaat lig ik ook graag een beetje op tijd in bed. Soms ben ik in het weekend ook nog bekaf van het werken en vroege opstaan.

Mijn woonplek waar ik zo over twijfelde omdat het wat verder van de ambassade af is dan een andere wijk bevalt nog steeds erg goed. Mijn studiootje zelf ook alhoewel ik er wel van baal dat de appartementen zo dicht op elkaar zitten; ik hoor veel van mijn buren, van tv, tot ruzies en seks! Ik slaap dus nooit meer zonder oordoppen.

Binnenkort ga ik ook maar eens een huishoudster nemen voor mijn 30m2. Ik heb echt geen zin meer om mijn zaterdagmiddag daar aan op te offeren. En hier is het vrij gebruikelijk!

Kortom, na vier maanden zijn mijn begin-angsten verdwenen, is het leven gewend en liggen de routines alweer vast; sporten, elke zaterdag manicure en/of pedicure, de vaste lunchgelegenheden, etc. Ik vermoed niet dat ik ooit van deze stad zal gaan houden maar zo langzamerhand accepteer ik haar. Vervoer blijft lastig. Mijn fiets ben ik binnenkort weer kwijt want deze is van de ambassade en eind januari is er een stagiair die hem nodig heeft. Maar eerlijk gezegd gebruikte ik hem toch al nauwelijks meer, naar werk fietsen staat gelijk aan zelfmoord willen plegen. Het is altijd opletten hier in het verkeer. Daar kwam ik laatst ook weer achter toen ik bij een zebra overstak. Op mijn armsignaal (je steekt hier je arm uit als teken voor auto’s dat je over wilt steken) stopte een auto netjes en ik liep dus al toen er een ander bovenop knalde en ze samen lekker doorschoven. Gelukkig werd ik net niet geraakt! Maar ik voelde wel het plastic van de gesprongen koplampen tegen mijn benen.

Ik heb definitief besloten geen auto te willen kopen. Niet alleen zijn ze enorm duur in Brazilië, en is het misschien lastig om er snel van af te komen mocht ik hier weggaan, ik durf het niet zo aan om hier te rijden. Brazilianen rijden slecht en vooral in de regentijd ziet het er angstaanjagend uit om de weg op te moeten.

Sinds vorige week is er een nieuwe ‘executivo’ buslijn die ik kan nemen om te gaan werken en hoewel 2,5x zo duur (niet 2 maar 5 reais, 1,85 EUR) is deze zo veel fijner; airco, zachte stoelen, wifi, snellere route. De gewone buslijnen zijn hier vaak erg vies, vol, warm en met buschauffeurs die hun nare levens afreageren via hun rijstijl op de passagiers. Dus deze nieuwe buslijn maakt het leven hier alweer iets fijner.

Heimwee-gevoelens zijn redelijk onder controle maar ik zie enorm uit naar mijn net-geboekte Nederland-reisje; zaterdagochtend 18 mei land ik op schiphol en ik blijf tot 5 juni! Zo’n zin om Pa&Ma&Marco&Nina en mijn JARENLANGE vrienden weer te zien en ook om mijn kat weer eens te knuffelen. Hoewel het wel raar zal zijn om niet in mijn vertrouwde stekkie te kunnen verblijven, want daar woont de huisoppas!